Behandeling afzonderlijke ziektebeelden, 1900

Behandeling van 6 afzonderlijke ziektebeelden uit een leerboek uit 1900

1) Melancholie (depressiviteit)

2) Manie

3) Folie Circulaire (circulaire krankzinnigheid)

4 Paranoia

5) Progressieve paralyse

6) Amentia (verwardheid)


1) Melancholie:

In de allereerste plaats moet geracht worden om den lijders zooveel mogelijk, zoowel geestelijk als lichamelijk, rust te bezorgen –bedbehandeling is dus aangewezen- en uit hunnen familiekring te verwijderen. Bij passieve melancholie en aan uitputting en bloedarmoede lijdenden, is voortdurende bedbehandeling noodzakelijk.

Gegoede zieken kunnen, wanneer zij opgepast worden door personen, wier men met volle gerustheid de bewaking kan toevertrouwen –elk melancholicus toch kan onverwachts zelfmoord willen plegen- buiten het krankzinnigengesticht behandeld worden. Wanneer er geen omstandigheden zijn, die zich daartegen verzetten, is vrije behandeling bij lichtere gevallen van melancholie zelfs te verkiezen, omdat de opsluiting meestal den waan te voorschijn roept van vergelding en straf.
Heeft zich neiging tot zelfmoord geopenbaard, of bestaat voedselweigering, dan is plaatsing in een gesticht dringend noodzakelijk.

Een versterkende doch lichtverteerbare voeding is een voor de genezing onmisbaar vereischte en reeds dit alleen maakt het wenschelijk om personen uit den arbeidenden of kleinen burgerstand, wien men te huis onmogelijk het noodige kan verschaffen, zoo spoedig mogelijk in een gesticht te doen opnemen.
Middelen, die zoo zij verdragen worden met goed gevolg tegen bloedarmoede worden aangewend zijn: levertraan, chinine, ijzerpreaparaten, arsnenik.

Geprolongeerde lauwwarme baden (32-35oC) zijn bij anaemischen aan te bevelen. Om hunne kalmeerende werking worden zij ook toegepast bij praecordiaalangst en slapeloosheid.

Bij preacordiaalangst is het niet al te lang voortgezet gebruik van opium te beproeven. Men begint met 50mgrm p.d. 4 maal daags, geeft na een paar dagen dagelijks 50mgrm d.d. meer en stijgt tot 0.5 ! d.d. Wordt de angst minder en blijft de beterschap eenige dagen toenemen dan kan de opiumdosis langzaam verminderd worden (om de drie dagen de dagdosis met 50mgrm verminderen). Stoelverstopping is geen contraindicatie tegen opium. Een enkele maal heeft de opiumtoediening diarrhoea tengevolge, waartegen, zonder opiumdosis te doen dalen, het best nitr. argenti aangewend wordt.

Helpen lauwwarme baden of koude inwikkelingen niet tegen de agrypnie, dan geve men sulfonal (1-3 grm); bij anaemischen kan men alvorens daartoe over te gaan eerst trachten om door toediening van een glas bier of een warm cognacgrogje slaap te verwekken.

Verder zijn spiritualien op hun plaats bij hartzwakte; zij verdienen mede aanwending, wanneer de arterien zich in een toestand van sterke contractie bevinden. Bovendien kan men, teneinde de drukking in de vaten te verminderen, amylnitrit, hetgeen dikwijls tevens een zeer gunstigen invloed op de gedeprimeerde stemming uitoefent, laten toedienen. Daar amylnitriet evenwel op den duur schadelijk zou kunnen worden, is het niet raadzaam om het gebruik er van langer dan eenige dagen te doen voortzetten; men laat het door andere middelen vervangen die een dergelijke werking bezitten (antipyrine, phenacetine, antifebrine)
Niet te grote giften morfine (50-100mgrm d.d.) doen somtijds de depressie afnemen. Koude douches op het hoofd met het lauwwarme bad verbonden, worden tot hetzelfde doel, somtijds met goed gevolg, gebezigd.

Tegen obstipatie wende men rheum, aloë of podophylline aan. Complicatiën behooren naar de regelen der kunst behandeld te worden.

2) Manie

Bij groote opgewektheid of neiging tot uitspattingen kan gestichtsbehandeling moeielijk ontbeerd worden. Onrustige zieken komen niet zelden betrekkelijk spoedig tot bedaren, wanneer men er in slaagt hen het bed te doen houden; blijkt bedrust alleen daartoe onvoldoende, dan bewijzen lauw-warme baden, die echter in geen geval met koude overgietingen samen mogen gaan, ook hier niet zelden goede diensten. Sulfonal is herhaalde kleine giften doet in vele gevallen den bewegingsdrang eveneens verminderen.

Meer nog tot dat doel is een subcut. injectie van hydrochloras hyoscini aan te bevelen. Vaak werkt ook een korte, niet langer dan een paar uur voortgezette afzondering zeer kalmerend.

Slapeloosheid wijkt somtijds voor ergotine of cornutum; sommigen bevelen hyoscyamine daartegen aan. Blijft de agrypnie niettegenstaande deze middelen voortbestaan, dan beproeve men de werkzaamheid van chloralhydraat, of paraldehyd.

Versterkend dieet en het gebruik van roborantia zijn hier op hunne plaats; bij collaps: aether, digitalis, coffeine. Alcoholica zijn onder elken vorm, evenals koffie en thee, te verbieden.

3) Folie circulaire

(circulaire krankzinnigheid, manisch depressiviteit)

De folie circulaire wordt al naar hare phase evenals melancholie of manie behandeld.

Douches op het hoofd mogen hier, ook in het melancholische stadium, nimmer aangewend worden.

4) Paranoia

Lijders aan paranoia te willen genezen, is een hersenschim. De taak der therapie bij deze ziekte bepaalt zich tot de verbetering van anaemische toestanden –gewoonlijk een gevolg van uitspattingen, masturbatie of onvoldoende voeding- en het doen plaats maken van grooten angst en gemoedsprikkels voor een meer rustige stemming. Dit laatste word het doelmatigst bereikt door de zieken in een inrichting te plaatsen, waar zij een zorgvuldige, liefderijke verpleging vinden en onttrokken zijn aan verschillende van buiten verderfelijk op hen inwerkende invloeden.

Bestaat neiging tot zelfmoord of vermoedt men, dat de lijders tengevolge hunner waan voor bepaalde personene gevaarlijk kunnen worden, dan is hunne opsluiting dringend noodzakelijk.

Gewoonlijk betoonen zich paranoici op den duur onmogelijk voor de samenleving; voor hen zijn de krankzinnigen koloniën, waarin zij eene betrekkelijke vrijheid genieten en met geschikten arbeid worden bezig gehouden de aangewezen verblijfsplaatsen.

5) Progressieve paralyse

Indien men het vermoeden koestert van met beginnende dementia paralytica te doen te hebben, zijn een verblijf op het land en maandelang voortgezette onthouding van inspanningen en elken geestelijken arbeid ten sterkste aan te bevelen als de eenige middelen, welke misschien in staat zijn –natuurlijk met eene voortreffelijken voeding- om het beginnend ontaardingsproces in de hersenen tot stilstand te brengen.

Nemen, niettegenstaande volkomen rust en het verblijf buiten, de verschijnselen der progressieve paralyse in duidelijkheid toe, dan verdient het immer aanbevelings om de patienten, zoodra zich bij hen een maniacale stemming openbaart, in een gesticht te doen opnemen, niet enkel in het belang van henzelf, maar ook om te verhoeden dat zij, door hun onzinnige uitgaven, hun betrekkingen tot den bedelstaf brengen.
Tegen de onrustigheid in het maniacale stadium worden lauwwarme baden, extr. secal. cornut. (300-500mgrm d.d.) broomnatrium aangewend. Is de algemeene voedingstoestand bevredigend dan kan joodkalium (1-2 gram d.d.) beproefd worden. Sulfonal, paraldehyd, chloralhydraat, ook hyoscyamine worden tegen slapeloosheid aangewend.

In de latere stadia der ziekte, als de verlammingen meer en meer op de voorgrond treden, bepaalt de behandeling zich tot zorg voor stipte lichaamsreiniging en nauwlettend toezicht bij de maaltijden, ten einde te verhoede, dat door de gulzigheid, spijzen in de trachea geraken. Bij incontinentie is geregelde kunstmatige ontlediging van blaas en darm aan te bevelen.

Het doorliggen, dat bij bedlegerige paralytici zeer spoedig optreedt, zoeke men te voorkomen door hen dikwijls te laten verleggen en te doen waschen met water en kamferspiritus. Is decubitus eenmaal tot stand gekmen dan is een strenge aseptische behandeling noodzakelijk; bestrooiing der wonden met ac. borium geeft niet zelden goede resultaten als andere middelen die onvoldoende bleken om de uitbreiding der ulceratie tegen te gaan.

6) Amentia

Te zorgen voor uitstekende voeding en te streven, dat, zoo noodig door aanwending van geschikte middelen sommige verschijnselen als sterke exaltatie of depressie verdwijnen, zijn de eischen waaraan de behandeling der amentia te voldoen heeft.
Opname in een gesticht is bij groote exaltatie immer noodzakelijk: de opwinding en onrust toch, kunnen in enkele gevallen razernij ontaarden en dan, om te voorkomen, dat de zieken zich ernstige beleedigingen toebrengen, is voor hen tijdelijk verblijf in een isoleerkamer onmisbaar.

Als kalmeerende middelen komen in aanmerking: bedrust, aanwending van ijs op het hoofd, lauwwarme baden, broom-natrium en morphine-injecties. Broom-natrium kan bij zeer sterke exaltatie zoo ten minste de pols krachtig en regelmatig is, eenige dagen achtereen in dosis van 15! grm opgelost in een groote hoeveelheid water, in éénmaal gegeven worden. Is broomnatrium niet aanwendbaar of verkiest men morphine, dan geve men zwakken individuen tweemaal daags een onderhuidse inspuiting van 20 mgrm sterkeren 30-5-! mgrm op eens.

Meynert beveelt bij gelijktijdig zeer angstigen patienten opium en broomnatrium als werkzamer dan morphine aan. Gaat de opwinding vergezeld van congesties naar het hoofd, dan roemt v. Krafft-Ebing (in acute gevallen als levensreddend) de subcutane injectie van ergotine (60mgrm)

Bij zeer anaemischen en koortslijders bewijzen niet al te kleine giften alcohol goede diensten, niet enkel als middel om de hartwerking te verbeteren, maar ook als slaapmiddel.

Bij het zogenaamde delirium acutum is volstrekte rust en verwijdering van alles wat prikkelen werken kan noodzakelijk; men behandele het verder met lauwwarme baden, ijs op het hoofd, bloedzuigers op de proc. Mastiodeus, ergotine-injecties en afleiding op den darm. Is het niet mogelijk om de patienten de benoodigde hoeveelheid voedsel te laten nuttigen, dan ga men desnoods tot een methodische sondebehandeling over.

Delerium tremens heeft geen bijzondere behandeling noodig, alleen bij dreigenden collaps zijn excitantien aangewezen. Bij lyssa gebiedt de menschelijkheid een onafgebroken bedwelming met chloralhydraat.

Wanneer het den zieken niet angstig maakt, is algemene faradisatie of galvanisatie bij stupor aan te bevelen; lauwwarme baden verdienen in elk geval te worden toegepast.

Zoo tevens depressie voorhanden is, kunnen met de baden douches, van niet te lage temperatuur, gegeven worden.

You may also like...

Geef een reactie