Behandeling schizofrenie, 1940


1940
Schizofrenie, oorzaken en behandeling

Inleiding:
Boeken over de psychiatrie voor sociaal werkenden, studenten, huisartsen en juristen vormen een belangrijk onderdeel van mijn bronnen. Ze geven een aardig overzicht van de kennis en gebruikte behandelmethodieken in (voor mij en veel anderen) begrijpelijke taal. Kortom, een leuk tijdsbeeld. Dit artikel is des te aardiger omdat er twee belangrijke behandelmethodes uit die tijd aan de orde komen: de cardiazol- en insulinekuur, beide zogenaamde shocktherapieën en voorlopers van de elektroshocktherapie. Bron: Beknopte psychiatrie voor sociaal werkenden, Dr. F.M. Havermans, Romen & Zonen, Roermond, 1940

1) Hoe ontstaat schizophrenie?

De oorzaken van deze geestesziekte liggen nog geheel in het duister. Met zekerheid kan men over dit probleem dan ook weinig zeggen, als is gebleken, dat erfelijke factoren hier weer een belangrijke rol spelen. Ook weet men, dat deze erfelijkheid zeer gecompliceerd verloopt. Opmerkelijk is bijvoorbeeld, dat de ouders van een schizophreen gewoonlijk niet aan deze ziekte lijden. Omgekeerd; lijdt één der ouders aan schizophrenie dan zal slechts 10% der kinderen ook aan schizophreen zijn; lijden beide ouders aan schizophrenie, dan wordt 20% der kinderen door de ziekte getroffen. Deze cijfers zou men betrekkelijk gunstig willen noemen, wanneer niet tegelijkertijd berekend was, dat meer dan de helft der kinderen andere, soms lichtere, soms zwaardere psychische stoornissen vertoont ook vindt men de ziekte regelmatig terug bij neven, nichten, e.a. Voor het overige hebben deze erfelijkheidsonderzoekingen, die in sommige landen met groote intensiviteit zijn uitgevoerd, slechts tegenspraak en onzekerheid gebracht. Vrijwel algemeen wordt aangenomen, dat de schizophrenie meestal uitbreekt bij menschen, die van huis uit –dus erfelijk- een bepaalde persoonlijkheidsstructuur bezitten.

Vanaf hun eerste kinderjaren zijn zij opgevallen door hun eenzelvigheid, schuchterheid en onzekerheid. Zij hebben nooit vrienden gehad. In den familiekring voelden zij zich niet thuis en prefereerden de beslotenheid van een “eigen kamer”. Tegenover vreemden wisten zij geen houding aan te nemen en sloten zich daarom op in een ongenaakbare onverschilligheid. Tegenover het andere geslacht hebben zij nooit enige avances durven maken. Bij dit alles hebben zij soms uitgeblonken door een goed verstand. Het mag ons niet verwonderen, dat deze menschentypen soms door hun omgeving verkeerd worden begrepen. Zoo zijn de gevallen vrij talrijk, waarin ouders de schuwheid en de eenzelvigheid van hun kind als uitingen van een meer ascetische levensopvatting beschouwen; reden waarom het kind van jong af aan voor kloosterling zeer geschikt wordt geacht en wat erger is, soms tegen hun zin in die richting gestuwd word.
Gelukkig doet deze persoonlijkheidsstructuur alleen nog geen schizophrenie ontstaan. Daarvoor is nog een tweede oorzakelijke factor noodig. Zoo kan b.v. een hevige griep, een alcoholvergiftiging of een groot bloedverlies dezen complementeerenden factor vormen. Men neemt aan, dat weer van huis uit –dus weer erfelijk- een overgevoeligheid voor deze bijkomstige factoren bestaat. Of men meent, dat erfelijk bepaalde factoren veranderingen in de interne secretie de ziekte doen uitbreken. Verschillende mogelijkheden dus, die er wel op wijzen, dat in ieder geval een de erfelijke factoren een groot gewicht wordt gehecht.

2) Behandeling

Tot voor kort waren de vooruitzichten voor den leider aan schizophrenie zeer somber. Weliswaar traden soms onverwachte en onverklaarbare spontane genezingen op, maar meestal waren de zieken gedoemd om heel hun verdere leven in een verpleeginrichting te slijten: de hebephreen met een bevroren glimlach hangend op banken en stoelen, de katatoon roerloos in zijn bed liggend, en de paranoïde schizophreen in onafgebroken tweespraak met stemmen binnen of buiten zich! Allereerst is door de zogenaamde arbeidstherapie hierin eenige verbetering gebracht. Maar De Groote vooruitgang op dit gebied dateert pas van enkele jaren terug, toed de veelbesproken insuline- en cardiazolkuur hun intrede in de psychiatrie deden.



Beide kuren hebben in medische kringen veel enthousiasme verwekt. En dit is begrijpelijk, want hierin meende men deugdelijke methoden te bezitten om de meest gevreesde geestesziekte te kunnen bestrijden. De kuren zijn ook vrij gauw bekend geworden in leekenkringen. Echter is dit minder gewenscht, gelijk de ervaring trouwens heeft bewezen. Het is bijvoorbeeld voorgekomen, dat familieleden van een reeds tien jaren verpleegden schizophreen, met aandrang vroegen om een der kuren alsnog op den zieke toe te passen. En dat terwijl de ervaring heeft geleerd, dat alleen zieken, die korter dan één jaar ziek zijn, een kans op herstel hebben. In een ander geval vroeg men een ouden lijder aan dementia paralytica, met “de nieuwe kuur” te behandelen! Door een en ander is wel eens wrijving tusschen geneesheer en familie ontstaan. In Amerika moest zelfs officieel gewaarschuwd worden tegen de eenzijdige, reclame-achtige mededeelingen, die in de dagbladen zijn verschenen.

3) Welke beteekenis hebben nu de insuline- en cardiazolkuur?

Vooropgesteld moet worden, dat beide kuren geenszins ongevaarlijk zijn. De toepassing ervan moet dan ook met denzelfden ernst beschouwd worden als het verrichten van een operatie. Ook moet opgemerkt worden, dat alleen succes wordt bereikt bij personen, die pas kort (minder dan één jaar, liefst nog korter!) ziek zijn. Maar zelfs dan wordt niet altijd een blijvende of volledige genezing bereikt. In eider geval is het zeer gewenscht, dat de schizophrenie tijdig herkend wordt, opdat zoo vlug mogelijk een kuur kan worden toegepast. De cardiazolkuur dankt haar ontstaan aan de bevinding, dat schizophrenen zelden lijden aan epilepsie, terwijl omgekeerd de toevallijder weinig schizophrenie krijgt. Sluiten deze ziekten elkaar misschien uit? heeft men gevraagd. Dr. Von Meduna uit Buda-Pest, op deze overweging voortbouwend, heeft een middel gezocht om kunstmatig toevallen op te wekken, met de verwachting zoo de schizophrenie te kunnen “verdrijven”. Hij vond, dat cardiazol (tot dusverre bekend als een hart-stimuleerend middel) bij snelle injectie in de bloedbaan een toeval, veel gelijkend op een epileptisch toeval, doet ontstaan. Bij honderden schizophrenen is inmiddels de kuur toegepast en duizenden kunstmatige toevallen met stijve en schuddende krampen zijn opgewekt. Gewoonlijk wordt tweemaal per week een injectie gegeven. En het resultaat?

Sterfgevallen of andere ernstige complicaties komen weinig voor(*). Er zijn inderdaad frappante genezingen bereikt, maar toch zal niemand durven beweren, dat de cardiazolkuur een onfeilbaar geneesmiddel voor de schizophrenie is. Bij de groep van de katatonie worden nog de beste resultaten geboekt. De insuline in ons lichaam heeft als taak; het op peil houden van het suikergehalte van ons bloed. Schiet de insuline in haar taak tekort, dan stijgt dit suikergehalte en de suiker word zelfs door de nieren uitgescheiden (suikerziekte) Spuit men zoo’n zieke insuline in dan daalt het suikergehalte weer.

Nu was opgevallen dat suikerzieke geesteszieken, die met insuline werden ingespoten, zoo rustig werden na een injectie. Daarop heeft Dr. Sakel uit Weenen bij schizophrenen zeer groote hoeveelheden insuline ingespoten. Hierdoor daalt het suikergehalte van het bloed sterk; tengevolge daarvan ontstaan opwindingstoestanden, hongergevoelens, bevingen en tenslotte verliest de zieke het bewustzijn. Hij zweet veel en soms ontstaan krampen. Nadat deze toestand één uur heeft geduurd, dient men suiker in overmaat toe, waarop de zieke prompt tot het bewustzijn terugkeert. Het suikergehalte van het bloed wordt weer normaal.


De kuur word dagelijks toegepast, met één rustdag per week. Noch bij de insulinekuur, noch bij de cardiazolkuur mag de psychische behandeling achterwege gelaten worden gelaten. Het spreekt vanzelf, dat beide kuren in hiervoor ingerichte ziekenhuizen of gestichten moeten worden toegepast. De insulinekuur heeft de beste resultaten bij de lijders aan dementia paranoides. Overigens verschillen deze resultaten weinig van die der cardiazolkuur. Ook hier geldt de regel: hoe eerder behandeld, zooveel beter is het resultaat.
Door het invoeren van deze nieuwe geneesmethoden is er dan ook een zeer speciaal motief ontstaan voor de vroegtijdige opname van schizophrenen in de verpleeginrichtingen. Toevallen kan men ook opwekken door de hersenen met een electrischen stroom te prikkelen. Vanuit Italie is deze zeer moderne behandelingsmethode ook reeds in Nederland doorgedrongen. Misschien verdringt zij t.z.t. de cardiazolkuur? (**)

(*) Dit is niet waar. In later publicaties (o.a. 1947) word beschreven dat patiënten grote angst hadden voor de behandeling en ook word een geval beschreven waarbij o.a. de ruggengraat brak door de grote spanning die de “cardiazolkramp” teweegbracht.
(**) Ja dus. Het is mede daarom dat de electroshocktherapie snel populair is geworden.

 

You may also like...

Geef een reactie