LSD behandeling of psycholyse – 1969

LSD brengt een toestand teweeg van desintegratie waarin allerlei gebeurtenissen uit het verleden op vaak zeer intense wijze worden herbeleefd. Veelal betreft het hier gebeurtenissen die op de patiënt destijds grote indruk heeft gemaakt en die hij niet goed heeft kunnen verwerken.
Het bewustzijn wordt onder invloed van LSD wel veranderd maar doch niet of nauwelijks verlaagd, zulks in tegenstelling tot hetgeen bij de drie behandelingsmethoden die eerder zijn beschreven (elektroshock, insuline-coma en dommel cq slaapkuur) het geval is.
Dit heeft tot gevolg dat de patiënt zich van het in de LSD-psychose doorleefde ook nadien volledig bewust blijft. Met andere woorden, er treedt geen amnesie (geheugenverlies) op. Dit is uit oogpunt van psychotherapeutische behandeling natuurlijk een groot voordeel.

De LSD kuur is een ingrijpende kuur. Zij mag slechts onder nauwgezette psychiatrische supervisie worden uitgevoerd. Ook verpleegtechnisch is een speciale setting vereist. Wij zullen hierop in dit verband echter niet ingaan. Er zijn in ons land namelijk maar weinig klinieken die op de toepassing van LSD zijn ingesteld.

Psychodysleptica – ook wel genoemd psychotomimetica of hallucinogenen – zijn verbindingen die in staat zijn psychopathologische verschijnselen uit te lokken en dit in doseringen die geen belangrijke vergiftigingsverschijnselen teweegbrengen op lichamelijk terrein. De toevoeging betreffende de dosering is daarom noodzakelijk, omdat allerlei stoffen in staat zijn het psychisch leven te desorganiseren mits men ze maar hoog genoeg doseert. In dat geval echter wordt het psychische effect begeleid door min of meer ernstige intoxicatieverschijnselen.
Men denke bijvoorbeeld aan de alcoholroes waarbij de psychische ontremming en de lichamelijke vergiftiging (waggelende gang, lallende spraak etc) welhaast steeds hand in hand gaan.

In de natuur komen tal van stoffen voor met een psychodysleptische (psychedelische) werking, vooral in de plantenwereld. Voorbeelden zijn het cocaïne, afkomstig van de bladeren van de cocastruik, de haschisch – in Zuid-Amerika marihuana (cannabis) genoemd – die bereid word uit de hennepplant en het mescaline dat voorkomt in een mexicaanse cacteeënsoort.
Vrijwel steeds brengen deze natuurlijke voorkomende psychodysleptica enige omneveling van het bewustzijn teweeg. In een dergelijke toestand treden dan hallucinatoire belevingen en illusionaire vervalsingen op van zeer onderscheiden inhoud. Het is geen zeldzaamheid dat deze voorstellingen aanleiding geven tot een gevoel van gelukzaligheid. Dit kan een zeer aards (lichamelijke lustgevoelens) maar ook een zeer verheven (religieus-kosmische belevingen) karakter dragen. Dit soort stoffen was aan sommige natuurvolken als sinds mensenheugenis bekend. Hun priesters maakten er gebruik van teneinde bij religieuze ceremoniën in een extase te geraken.

Behalve in de natuur voorkomende, kent men thans ook psychodysleptica (psychedelica) die in het laboratorium vervaardigd worden. De voornaamste onder hen is wel Lyserginezuur-Diethylamide of LSD, een geruchtmakende stof vanaf zijn ontdekking in 1942 tot op de dag van heden. Het gerucht word bepaald door twee factoren.

In de eerste plaats bleken minimale hoeveelheden LSD – fracties van milligrammen – voldoende te zijn geweest voor een uitgesproken desintegratieve werking. Bovendien brengt LSD psychopathologische verschijnselen teweeg zonder het bewustzijn noemenswaardig te vertroebelen. Hiermee onderscheidt het zich van praktisch alle andere hallucinogenen.

LSD is het eerste psychodyslepticum dat in de psychiatrie op vrij ruime schaal en min of meer systematisch wordt toegepast en wel bij de psychotherapie van bepaalde vormen van neurose. Hierbij doet men zijn voordeel met de desintegratieve werking van LSD. Onder invloed van het middel verzwakt namelijk de greep van de patiënt op zijn binnenwereld, op de wereld van de innerlijke belevingen.

Allerlei gebeurtenissen uit het verleden komen in de herinnering terug; sterker nog, zijn worden niet alleen herinnerd, doch vaak ook herbeleefd en dit met een intens werkelijkheidskarakter. Vaak betreft het hier ervaringen die op de patiënt een grote indruk hebben gemaakt en die hij niet goed heeft kunnen verwerken.

Dat LSD het bewustzijn niet doet dalen is hierbij een groot voordeel. Na afloop van de LSD psychose weet de patiënt zich nog alles te nauwkeurig te herinneren wat zich heeft afgespeeld zodat deze ervaringen met hem besproken kunnen worden. LSD, zo kan men dus zeggen, wordt toegepast teneinde het loskomen van onbewust en conflictueus ervaringsmateriaal te bevorderen en hiermee het psychotherapeutisch proces te versnellen.

De waarde van de LSD behandeling – men spreekt wel van psycholyse – is omstreden. Zij kent voor- en tegenstanders. Toekomstig onderzoek zal moeten leren welke partij het gelijk aan zijn zijde heeft.

Nog om een andere reden is LSD voor de psychiatrie van betekenis. Deze verbinding stelt namelijk in staat bij normale proefpersonen bepaalde psychotische verschijnselen min of meer naar willekeur op te roepen. Dit heeft de mogelijkheid om deze verschijnselen systematisch te bestuderen zeer vergroot.

LSD word tegenwoordig in tal van landen op grote schaal misbruikt, dat wil zeggen toegepast zonder dat de psychiater de indicatie daartoe heeft gesteld en buiten het toezicht van de psychiater om.
Als gevolg van deze betreurenswaardige gang van zaken is er zo iets als een LSD-vraagstuk ontstaan. Vandaar dat ik hierboven schrijven kon, dat het gerucht dat LSD bij zijn ontdekking ontketende niet verstomd is, maar tot op de dag van heden voortduurt.

 

Bron:
In goede handen, Behandeling van geestes- en zenuwzieken Spruyt, van Mantgem & de Does / Leiden / 1969 Leerboek van de opleiding verpleegkundige B

You may also like...

Geef een reactie