Narcistische persoonlijkheidsstoornis


ClusterB:  Narcistische persoonlijkheidsstoornis

De patiënt met deze stoornis heeft een overdreven gevoel van eigenwaarde, is sterk egocentrisch ingesteld en toont een overmatige zelfbetrokkenheid zonder hij zich bewust is of zich rekenschap geeft van de gevolgen van die eigenschappen voor anderen.

Personen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis leven eenvoudigweg in de veronderstelling dat zij zeer bijzonder zijn en hebben vanuit die assumptie het gevoel aanspraak te kunnen maken op een bijzondere behandeling, privileges en gunsten.

Eigen tekortkomingen van welke aard dan ook worden doorgaans ontkend, en gemaakte fouten en missers worden weggeredeneerd of de schuld of verantwoordelijkheid daarvoor wordt bij anderen neergelegd of aan de omstandigheden geweten. Lukt dit niet dan kunnen ze gemakkelijk in huilen uitbarsten of kwaad worden.

Mensen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis zijn er voortduren op uit om bewondering te oogsten van anderen, terwijl ze zelf niet of nauwelijks in staat zijn om lief te hebben, te begrijpen hoe anderen zich voelen en om rekening te houden met andermans gevoelens en opvattingen.

DSM-IV criteria:

Een diepgaand patroon van grootheidsgevoelens (in fantasie of gedrag), behoefte aan bewondering en gebrek aan empathie, beginnend in vroege volwassenheid en tot uiting komend in diverse situaties zoals blijkt uit vijf (of meer) van de volgende:

•  Is gepreoccupeerd met fantasieën over onbeperkte successen, macht, genialiteit, schoonheid of ideale liefde.
•  Gelooft dat hij of zij “heel speciaal” en uniek is en alleen begrepen kan worden door, of hoort om te gaan met, andere hele speciale mensen (of instellingen) met een hoge status.
•  Verlangt buitensporig veel bewondering
•  Hheeft een gevoel bijzondere rechten te hebben, dat wil zeggen onredelijke verwachting van een uitzonderlijk welwillende behandeling of een automatisch meegaan met zijn of haar verwachtingen.
•  Exploiteert anderen, dat wil zeggen maakt misbruik van anderen om zijn of haar eigen doeleinden te bereiken.
•  Heeft gebrek aan empathie (invoelend vermogen): is niet bereid de gevoelens van anderen te zien of zich ermee te vereenzelvigen.
•  Is vaak afgunstig of meent dat anderen op hem of haar afgunstig zijn.
•  Is arrogant of toont hooghartig gedrag of houdingen.

Deze houding leidt in relaties tot eenrichtingsverkeer, wat kan resulteren in heftige conflicten dan wel een oppervlakkig communicatie.

Mensen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis zijn ambitieus en belust op roem en fortuin. Zij pochen over hun eigen prestaties, dromen van succes en denken dat ze uniek zijn, waardoor zij alleen begrepen kunnen worden door mensen die zelf ook bijzonder zijn. Zij willen graag bewonderd en op hun wenken bediend worden.

Ook zijn zij vaak jaloers of denken juist dat anderen jaloers zijn op hen. Zij worden arrogant en hooghartig gevonden. Strijd en woede zijn belangrijke bestanddelen in het leven van mensen met deze aandoening.

Alles moet gebeuren op de manier zoals zij dat willen en ze kunnen razend worden als iemand daarop iets aan te merken heeft. De kwetsbaarheid van het zelfgevoel komt enerzijds tot uitdrukking in grote behoefte aan bewondering en anderzijds in de grote woede waarmee zij kunnen reageren op een belediging of veronachtzaming.

Relaties met andere mensen verlopen vaak moeizaam. Patiënten halen zich ook gemakkelijk de woede van anderen op de hals doordat zij zich niet aan algemene normen en waarden houden. Zij spannen mensen voor hun karretje en buiten hen zelfs uit. Regels zijn er alleen voor anderen, lijken zij te denken.

Mensen met een narcistische persoonlijkheidsstoornis tonen weinig begrip en zullen zich vooral met anderen bezighouden om er zelf beter van te worden. Het vermogen om zich in te leven in andermans gevoelens is beperkt.

Bron:
Handboek psychopathologie, Bohn, Stafleu, van Loghum, 2000

You may also like...

Geef een reactie