Paranoïde persoonlijkheidsstoornis

Cluster A: Paranoïde persoonlijkheidsstoornis

Wantrouwen en achterdocht ten opzichte van anderen zijn de meest essentiële kenmerken van de paranoide persoonlijkheidsstoornis.

Dit wantrouwen is zo sterk dat de beweegredenen van anderen geïnterpreteerd worden als kwaadwillig. Hierin verschillen paranoïde personen van bijvoorbeeld schizotypische en ontwijkende personen, die in interpersoonlijke contacten weliswaar ook op hun hoede en terughoudend zijn maar meestal geen duidelijke ideeën hebben over andermans beweegredenen. Volgens de DSM-IV heeft iemand een paranoïde persoonlijkheidsstoornis als tenminste 4 van de volgende criteria aanwezig zijn in meerdere situaties.

De persoon:

1 – Vermoedt, zonder gegronde redenen, dat anderen hem of haar uitbuiten, schade berokkenen of bedriegen;

2 – Is geheel gepreoccupeerd door ongerechtvaardigde twijfels aan de trouw of betrouwbaarheid van vrienden of collega’s;

3 – Neemt anderen met tegenzin in vertrouwen, op grond van de ongerechtvaardigde vrees dat de informatie op een kwaadaardige manier tegen hem/haar gebruikt zal worden;

4 – Zoekt achter onschuldige opmerkingen of gebeurtenissen verborgen vernederingen en bedreigingen;

5 – Is halsstarrig rancuneus, dat wil zeggen vergeeft geen beledigingen, aangedaan onrecht of kleineringen;

6 – Bespeurt kritiek, voor anderen niet duidelijk herkenbaar, op zijn of haar karakter of reputatie en reageert snel met woede of tegenaanval;

7 – Is terugkerend achterdochtig, zonder rechtvaardiging, betreffende de trouw van de partner.
Mensen met PPS zijn wantrouwend en achterdochtig.
Ze hebben een vastomlijnde manier van denken en handelen op basis van achterdochtige ideeën over anderen.
Ze zijn ervan overtuigd dat hun visie op de wereld de juiste is en voelen zich bedreigd als anderen het anders zien.
Ze zijn vaak koppig en vasthoudend, ook als hun standpunt onjuist is. Dit kan soms irrationeel aandoen en de indruk wekken dat iemand last heeft van een waanidee.
Verder voelen zij zich vaak kwetsbaar.
De angst die dit oproept proberen ze te verminderen door te zoeken naar een oorzaak buiten zichzelf. De dreiging die zij waarnemen zetten zij vervolgens om in woede om zo hun angstgevoelens te verminderen.

Het meest kenmerkende van mensen met een paranoïde persoonlijkheidsstoornis is dat zij de gedragingen van anderen als opzettelijk in hun nadeel of bedreigend ervaren. Zij voelen zich vrijwel allemaal uitgebuit of bedreigd. Zonder redelijke gronden betwijfelen zij de oprechtheid van vrienden en kennissen. Soms zijn zij ook ziekelijk jaloers en twijfelen zij zonder reden aan de trouw van hun partner. Zij hebben de neiging hun eigen gevoelens in anderen te projecteren, vooral als het gaat om gevoelens die zij niet van zichzelf kunnen accepteren. Zij tonen vaak een gebrek aan emotie en zijn trots op zichzelf dat zij alles verstandelijk beredeneren. Ze zijn dus niet erg warm-menselijk.

Vaak zijn zij gevoelig voor macht en status en minachten zij mensen die dat niet hebben. Zij lijken in de omgang soms zakelijk en efficiënt maar veroorzaken vaak onrust en conflicten in hun omgeving. Wanneer de achterdocht de vorm van achtervolgingswaan heeft, dan is er geen sprake van een persoonlijkheidsstoornis maar van schizofrenie, manisch depressieve stoornis of een waanstoornis. Overbetrokken persoonlijke relaties, zoals bij borderline persoonlijkheidsstoornis, zijn een zeldzaamheid. Problemen op het werk en in persoonlijke relaties komen frequent voor bij mensen met een paranoïde persoonlijkheidsstoornis. Achterdocht kan omslaan in dreiging naar anderen. Wrok kan omslaan naar wraak. In combinatie met andere persoonlijkheidstrekken (zoals neiging tot afreageren, lak hebben aan wetgeving en moraal) kan het gevaarlijk worden.

Een paranoïde persoonlijkheidsstoornis valt op door de achterdocht waarmee de persoon reageert. Een achterdochtig iemand praat erover hoe anderen hem of haar willen benadelen en zo iemand kan soms met moeite toegeven dat hij of zij overal wat achter zoekt. Iemand die enerzijds overmatig jaloers is en anderzijds weinig in staat lijkt tot het geven van liefde en warmte kan aan een paranoïde persoonlijkheidsstoornis lijden. Mensen die zich laten voorstaan op hun redelijkheid kunnen juist heel onredelijk wantrouwen koesteren. Zij praten niet makkelijk over hun eigen gevoelens en zijn eerder geneigd die te ontkennen of op anderen te projecteren. Mensen met een paranoïde persoonlijkheidsstoornis kunnen heel bedreigend overkomen wanneer zij eenmaal overtuigd zijn van een vermeend onrecht dat hen is aangedaan. De grens met ernstige psychiatrische ziekten is dan moeilijk te onderscheiden en deskundige hulp is aangewezen.

Casus:
Voorbeeld: Meneer de Groot, een 42 jarige wetenschappelijk medewerker, wordt door de bedrijfsarts verwezen vanwege (wederzijdse) moeilijkheden met collega’s. Hij is er verbitterd over dat de anderen zijn wetenschappelijke vondsten stelen – zo meent hij althans – en deze publiceren voor hij de kans heeft dit zelf te doen. Om deze redenen mijdt hij het uitwisselen van gegevens met collega’s. Laboratoriumassistenten verdenkt hij ervan de resultaten van zijn experimenten door te spelen naar rivalen. het feit dat hij geen hoogleraar is geworden, wijt hij aan een samenzwering van minder getalenteerde collega’s.

De hoogleraren van zijn vakgroep hebben deze positie bereikt door vriendjespolitiek. Wanneer in de lunchpauze een collega aan zijn tafeltje komt zitten, vraagt hij zich af wat deze van hem wil. Meneer De Groot functioneert weer redelijk als hij ontheven wordt van de verplichting met collega’s samen te werken. In de bibliotheek vindt hij literatuur die hij nodig heeft. Hij publiceert weer, maar alleen met vakgenoten in het buitenland, die hij via correspondentie maar niet uit uit persoonlijke ontmoetingen kent.

Bronnen: Handboek psychopathologie deel 1 basisbegrippen 2000 Bohn, Stafleu Van Loghum, Houten. ePsychiater Trimbos

You may also like...

Geef een reactie