Patientenrechten, wet WGBO en BOPZ

Patiëntenrechten, WGBO, BOPZ

Bron: Ministerie van volksgezondheid en welzijn.

  1. Inleiding
  2. Recht op een behandelplan
  3. Recht op informatie
  4. Voor behandeling is toestemming nodig
  5. Middelen en maatregelen
  6. Dwangbehandeling
  7. Recht op bewegingsvrijheid
  8. Recht op contact met de buitenwereld
  9. De omgang met uw persoonlijke bezittingen
  10. Het patiëntendossier
  11. Overplaatsing binnen het ziekenhuis
  12. Het beheer van uw geld
  13. Colofon

INLEIDING

Wanneer u in een psychiatrisch ziekenhuis wordt opgenomen is dat een ingrijpende gebeurtenis. U bent van de kaart en misschien wel wanhopig. Het kan zijn dat u zich als het ware voelt “uitgeleverd” aan het ziekenhuis. Dan is het goed om te weten dat u rechten heeft. Die rechten staan in de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) en in de Wet Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ). De WGBO omvat de algemene patiëntenrechten en in de BOPZ staat wanneer uw rechten mogen worden beperkt als u gedwongen bent opgenomen. Deze brochure biedt een overzicht van uw rechten en geeft antwoord op zoveel mogelijk vragen. De inhoud van deze brochure geldt zowel voor patiënten die vrijwillig zijn opgenomen als voor patiënten met een gedwongen opname. De rood gedrukte tekst geeft extra informatie aan patiënten die gedwongen zijn opgenomen

  1. RECHT OP EEN BEHANDELINGSPLAN

Zodra u bent opgenomen maakt uw hulpverlener samen met u een behandelingsplan. In dat behandelingsplan staat vermeld welke ziekte u heeft en op welke wijze de behandeling wordt aangepakt. U bent gedwongen opgenomen omdat u door een psychische stoornis een gevaar geacht wordt voor uzelf of voor anderen. Het doel van de opname is dat gevaar weg te nemen. In uw behandelplan staan dan ook concrete maatregelen om die psychische stoornis te verminderen, zo mogelijk op te heffen. Klik hier voor meer informatie over het behandelingsplan

  1. RECHT OP INFORMATIE

U heeft informatie nodig voordat u kunt meepraten over uw behandelplan. De behandelaar vertelt in begrijpelijke woorden over uw ziekte, over zijn voorstel voor behandeling en over andere mogelijkheden van behandeling. Hij legt uit wat hij met de behandeling wil bereiken, hoe lang die kan duren en hoe groot de kans is dat het lukt. Hij laat u ook weten welk risico een behandeling heeft. Zo zal hij u voorlichten over bijwerkingen van medicijnen.

Voorbeeld

U bent opgenomen omdat u zó somber bent dat u niet meer wilt eten en alleen nog maar op bed ligt. Volgens uw hulpverlener bent u depressief. Hij bespreekt vervolgens met u de diverse manieren om de depressie te verhelpen. Hij meent dat medicijnen in combinatie met gesprekstherapie goed zullen helpen. Tevens legt hij uit dat de medicijnen slaperigheid, een droge mond en vermindering van seksuele gevoelens kunnen veroorzaken. Al deze informatie heeft u nodig. Want u moet toestemming geven voor de behandeling. En die toestemming kunt u pas geven wanneer u voldoende weet en begrijpt. Vraag dus alles wat u weten wilt! Maar misschien wilt u bepaalde informatie juist niet krijgen, bijvoorbeeld de bijwerkingen van medicijnen of een diagnose die uw verdere leven diepgaand verandert. Laat dat dan aan de hulpverlener weten! Hij zal daar zoveel mogelijk rekening mee houden.

Krijg ik ook informatie op papier?

Misschien vindt u het lastig om alle informatie te onthouden. Vraag de hulpverlener om de belangrijkste zaken voor u op te schrijven. Van het ziekenhuis krijgt u de huisregels en schriftelijke inlichtingen over de klachtenprocedure. Bent u gedwongen opgenomen dan krijgt u tevens schriftelijke informatie over uw rechten volgens de Wet BOPZ. Ook ontvangt u op schrift welke hulpverlener verantwoordelijk is voor uw behandeling. U krijgt een kopie van de IBS (inbewaringstelling) of de RM (rechterlijke machtiging).

Mag de hulpverlener informatie voor mij achterhouden?

Als de behandelaar denkt dat bepaalde informatie schadelijk voor u is mag hij die informatie tijdelijk achterhouden. Dat mag hij alleen in uitzonderlijke gevallen doen en pas na overleg met een collega. Als het nodig is zal de hulpverlener iemand uit uw naaste omgeving inlichten.

Voorbeeld

U verkeert in een psychische crisis. Nu blijkt dat u ook nog een ernstige lichamelijke aandoening heeft. De hulpverlener besluit u dat niet te vertellen, want hij is bang dat het u teveel wordt en dat u zelfmoordgedachten krijgt. Zodra het beter met u gaat krijgt u alsnog de mededeling over uw aandoening.

Krijgen anderen informatie over mij?

Alle leden van het behandelteam krijgen de nodige informatie over u. Aan anderen geeft de behandelaar geen informatie over u, tenzij u er in toestemt dat het wel gebeurt. Hulpverleners hebben een beroepsgeheim.

Echter, in drie gevallen wordt toch zonder uw toestemming informatie aan anderen gegeven.

  1. Als u wilsonbekwaam bent verklaard zal de hulpverlener uw vertegenwoordiger inlichten.
  2. Als u de behandelaar iets heeft verteld wat hij beslist niet mag verzwijgen.

Voorbeeld

U vertelt uw hulpverlener dat u van plan bent een bekende iets aan te doen. De behandelaar neemt uw plan serieus en wil uw kennis waarschuwen. U weigert daar toestemming voor te geven en houdt de hulpverlener aan zijn beroepsgeheim. Hij waarschuwt uw kennis toch, want zo kan hij hem behoeden voor waarschijnlijk ernstige schade. 3. Als de hulpverlener informatie voor u achterhoudt omdat hij denkt dat die schadelijk voor u is, mag hij die soms wel aan een ander doorgeven.

  1. VOOR BEHANDELING IS TOESTEMMING NODIG

De behandeling begint pas als u hebt ingestemd met het behandelingsplan. Tegen de hulpverlener mag u zeggen wat u niet aanstaat in het behandelingsplan, hij zoekt dan samen met u naar alternatieven. Ook voor een verandering in het behandelingsplan is uw toestemming nodig. U mag dus een behandeling weigeren. Wanneer u elke behandeling weigert kan dat ertoe leiden dat uw opname wordt beëindigd. In twee gevallen is er een dwangbehandeling mogelijk. Namelijk, wanneer de hulpverlener meent dat u niet zelf meer kunt beslissen of wanneer u gedwongen bent opgenomen. In deze twee situaties gelden wel nadere voorwaarden.

Mag ik van gedachten veranderen?

Jazeker, u mag uw toestemming altijd weer intrekken. Het is mogelijk dat u na een poos toch niet tevreden bent. Samen met de hulpverlener kunt u zoeken naar iets anders, maar u kunt ook stoppen met de behandeling. Voorbeeld In overleg met uw hulpverlener heeft u besloten medicatie te gebruiken tegen uw slapeloosheid. Na een paar weken wordt u bang dat u verslaafd raakt aan dit slaapmiddel. U trekt uw toestemming in en praat erover met de hulpverlener. Hij stelt voor over te gaan op een ander middel dat minder verslavend is en u gaat daarmee akkoord.

Wie kan beslissen als ik het zelf niet meer kan?

U kunt tijdelijk zo ziek of in de war zijn dat de behandelaar u niet in staat acht om zelf te beslissen. Hij stelt een bepaalde behandeling voor, maar krijgt de indruk dat u de informatie niet begrijpt. Hij verklaart u dan wilsonbekwaam en zal nu iemand anders om toestemming vragen. Hij benadert daarop een van de volgende personen die u kunnen vertegenwoordigen: uw curator, uw mentor, degene die u heeft aangewezen om voor u te beslissen (de persoonlijk gemachtigde), uw naaste familie. Lang niet alle patiënten hebben een curator of een mentor. Meestal zal de hulpverlener een familielid benaderen. De curator en de mentor zijn door de rechter benoemde vertegenwoordigers. Meer informatie over de curator en de mentor vindt u in de brochure “Curatele, bewind en mentorschap” van het ministerie van Justitie.

Als ik het niet eens ben met mijn vertegenwoordiger?

Ook als u wilsonbekwaam bent kunt u zich verzetten tegen behandeling. De hulpverlener zal dit respecteren, ook al heeft uw vertegenwoordiger met de behandeling ingestemd. Alleen als niet behandelen ernstig nadelig voor u zal zijn, kan de hulpverlener u onder dwang behandelen. Als u vrijwillig bent opgenomen kan de hulpverlener een IBS of RM voor u aanvragen. Zonder IBS of RM kunt u zich aan deze dwangbehandeling onttrekken door uit het ziekenhuis weg te gaan. Over de IBS en de RM vindt u meer in brochure “De gedwongen opname in het psychiatrisch ziekenhuis”. Bent u gedwongen opgenomen en verzet u zich tegen een behandeling van uw psychische stoornis, dan kan de behandelaar u onder dwang behandelen als er binnen het ziekenhuis sprake is van gevaar voor uzelf of anderen.

  1. MIDDELEN EN MAATREGELEN

Middelen en maatregelen zijn tijdelijke manieren om gevaar af te wenden. Er zijn vijf verschillende middelen en maatregelen.

  1. Afzondering

U verblijft in een kamer met een bed, tafel en stoel, een kast en een wastafel. De deur is op slot.

  1. Separatie

U verblijft in een kale ruimte met een matras en een deken. De deur is op slot.

  1. Fixatie

Men bindt u vast op een stoel of bed.

  1. Medicatie

Tegen uw wil krijgt u kortwerkende medicatie.

  1. Toediening van vocht of voedsel

U krijgt onder dwang vocht of voedsel binnen door middel van een infuus of slangetje via de neus naar de maag (sonde). Wanneer worden middelen en maatregelen gebruikt?

In een noodsituatie.

Die ontstaat wanneer onverwachts alle stoppen doorslaan en u uzelf niet meer in de hand heeft. Dan dreigt het gevaar dat u uzelf of anderen iets aandoet en dat wil men voorkomen. Zodra de noodsituatie voorbij is, trekt men middelen en maatregelen in.

Voorbeeld

U bent onverwachts psychotisch geworden en in die toestand bedreigt u medepatiënten. Om te voorkomen dat u iemand werkelijk iets aandoet zal men u separeren.

Bent u vrijwillig opgenomen dan kan de hulpverlener een IBS voor u aanvragen. Het ziekenhuis mag u, in afwachting van de beslissing van de burgemeester, zes tot twaalf uur vasthouden. Zonder IBS kunt u zich aan middelen en maatregelen onttrekken door uit het ziekenhuis weg te gaan. Over de IBS vindt u meer in brochure “De gedwongen opname in het psychiatrisch ziekenhuis”.

Hoe lang mogen middelen en maatregelen duren?

Het toepassen van middelen en maatregelen mag niet langer duren dan zeven dagen. Duurt de noodsituatie langer dan kan dwangbehandeling worden toegepast. In uw behandelingsplan komt vervolgens te staan welk middel of welke maatregel men gaat toepassen.

  1. DWANGBEHANDELING

Dwangbehandeling is het behandelen van een psychische stoornis tegen uw wil.

Wanneer is dwangbehandeling toegestaan?

Dwangbehandeling is toegestaan wanneer het absoluut noodzakelijk is u of anderen te beschermen. Uw psychische stoornis levert namelijk binnen het ziekenhuis gevaar op dat niet op een andere manier kan worden afgewend.

Hoe verloopt een dwangbehandeling?

De hulpverlener stelt voor om u op een bepaalde manier te behandelen en hij schrijft die methode op in uw behandelingsplan. Hij vraagt daartoe wel uw toestemming, maar u weigert. Toch past de hulpverlener de behandeling toe. Dan is er sprake van dwangbehandeling. De behandelaar informeert de geneesheer-directeur hierover en ook de Inspectie wordt ingelicht. De Inspectie onderzoekt achteraf of de dwangbehandeling echt nodig was en of het ziekenhuis zorgvuldig heeft gehandeld. Een dwangbehandeling mag nooit langer duren dan nodig is.

De Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (Wgbo) biedt ook een mogelijkheid om dwangbehandeling toe te passen. De behandeling moet dan noodzakelijk zijn om ernstig nadeel voor uzelf te voorkomen. Op grond van de Wgbo kan alleen dwang worden toegepast als u wilsonbekwaam bent en uw vertegenwoordiger daarvoor toestemming geeft. U kunt op grond van de Wgbo niet in het psychiatrisch ziekenhuis worden vastgehouden. Dit kan alleen indien de rechter een IBS of een RM verleent.

  1. RECHT OP BEWEGINGSVRIJHEID

Mag ik de afdeling verlaten als ik dat wil?

U heeft recht op bewegingsvrijheid. Als u vrijwillig bent opgenomen mag u de afdeling en het ziekenhuis verlaten als u dat wilt. Maar wanneer u zo dikwijls weg bent dat behandeling niet meer mogelijk is, kan de opname worden beëindigd.

Bij een gedwongen opname mag u het ziekenhuis niet verlaten, tenzij u verlof heeft. U heeft wel het recht op bewegingsvrijheid binnen het terrein van het ziekenhuis, dus heeft u het recht de afdeling te verlaten. Men kan u tegen uw wil op de afdeling houden om een van de volgende drie redenen.

  1. Men vreest met reden voor uw gezondheid. Bijvoorbeeld, men heeft het vermoeden dat u buiten zelfmoord zou kunnen plegen.
  2. Om strafbare feiten te voorkomen. Zoals het gebruik maken van vrij wandelen om drugs te verhandelen.
  3. Om de orde in het ziekenhuis te bewaren, bijvoorbeeld wanneer u zich buiten agressief gedraagt.

8  RECHT OP CONTACT MET DE BUITENWERELD

Tijdens uw verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis heeft u recht op contact met de buitenwereld. U mag telefoneren, bezoek ontvangen en corresponderen, waarbij u natuurlijk wel rekening moet houden met de huisregels. Die geven onder meer aan wanneer er bezoekuur is en waar u kunt telefoneren. Uw post mag niet worden achtergehouden en ook niet worden gelezen.

Wanneer kan het telefonisch contact of bezoek worden beperkt?

Bent u gedwongen opgenomen dan kan het recht om te telefoneren of bezoek te ontvangen inderdaad worden beperkt, maar slechts om een van de volgende drie redenen.

  1. Indien uw gezondheid door het contact ernstig te lijden heeft. Bijvoorbeeld, u kunt zich zo druk maken aan de telefoon dat u er uitgeput van raakt.
  2. Door het contact wordt de orde in het ziekenhuis verstoord. Bijvoorbeeld, U kunt door het bezoek zo onrustig worden dat u medepatiënten lastig valt.
  3. Om strafbare feiten te voorkomen, zoals het telefonisch bedreigen van anderen.

U mag altijd contact opnemen met de pvp, met uw advocaat, met de officier van justitie en met de inspecteur voor de gezondheidszorg.

  1. DE OMGANG MET UW PERSOONLIJKE BEZITTINGEN

Wat mag ik meenemen naar het ziekenhuis?

Natuurlijk kunt u wat eigen spulletjes meenemen, die blijven uw eigendom. Wel stelt het ziekenhuis grenzen aan de hoeveelheid spullen die u mag meebrengen want de ruimte op de afdeling is veelal beperkt.

Bij een gedwongen opname worden gevaarlijke voorwerpen van u afgenomen. Ook een heel gewoon voorwerp, zoals een vork, kan al gevaarlijk zijn. Dat geldt eveneens voor bijvoorbeeld meegenomen bedorven vleeswaren, die bedreigen de gezondheid. Het ziekenhuis neemt deze voorwerpen in beslag en geeft u een ontvangstbewijs. Drugs en wapens geeft men aan de politie af. Het ziekenhuis kan u fouilleren op het bezit van gevaarlijke voorwerpen en kan post in uw aanwezigheid openen om te controleren of er gevaarlijke voorwerpen inzitten.

  1. HET PATIËNTENDOSSIER

Uw gegevens bewaart men in een map, het patiëntendossier. Dat bestaat meestal uit enkele onderdelen: een medisch dossier, een administratief dossier en een verpleegkundig dossier. U vindt er onder meer de behandelingsplannen, de observaties van verpleegkundigen en voortgangsrapportages. Het patiëntendossier behoort alleen de informatie te bevatten die van belang is voor uw behandeling. Gegevens worden ook elektronisch vastgelegd (computer).

Mag ik mijn dossier inzien?

Ja. U heeft er recht op om te weten wat men over u schrijft. Gegevens over anderen, bijvoorbeeld familieleden, mag u echter pas inzien als die anderen daarvoor toestemming geven. Dat gebeurt om de privacy van anderen te beschermen. Informatie die u niet mag inzien wordt uit uw dossier gehaald of afgeplakt.

Kan ik kopieën krijgen uit mijn dossier?

Van datgene wat u mag inzien mag u inderdaad kopieën hebben. De kopieerkosten betaalt u zelf.

Mag ik dingen in mijn dossier veranderen?

Als er een echte fout in uw dossier staat mag u die verbeteren. Bent u het niet eens met wat er over u geschreven staat dan kunt u uw eigen verhaal opschrijven en dit aan het dossier toevoegen.

Voorbeeld

U heeft ruzie gehad op de afdeling waar u verblijft en in uw dossier staat daarover dat u “zomaar” erg boos bent geworden. Maar u werd kwaad omdat een verpleegkundige u beledigde. Dan kunt u uw eigen zienswijze in het dossier laten opnemen.

Kan ik mijn dossier laten vernietigen?

Uw hulpverlener bewaart uw gegevens gewoonlijk minstens vijftien jaar. U kunt hem echter vragen om gegevens eerder te vernietigen. In dat geval vernietigt de hulpverlener deze gegevens binnen drie maanden. Alleen gegevens die van groot belang zijn voor een ander dan uzelf zal hij niet vernietigen.

Het dossier van een gedwongen opgenomen patiënt kan pas vijf jaar na ontslag worden vernietigd.

  1. OVERPLAATSING BINNEN HET ZIEKENHUIS

Wanneer kan men mij overplaatsen?

Soms is het nodig dat u naar een andere afdeling verhuist. Meestal gebeurt dat omdat u toe bent aan een behandeling die u alleen op die afdeling kunt krijgen. Overplaatsing kan ook het gevolg zijn van een reorganisatie binnen het ziekenhuis. Als de overplaatsing betekent dat u een andere behandeling krijgt waar u geen toestemming voor heeft gegeven, kunt u weigeren. Voorbeeld Na een lange behandeling bent u weer helemaal opgeknapt. Daarom stelt de hulpverlener voor dat u verhuist naar de resocialisatie-afdeling. Daar kunt u zich het beste voorbereiden op de terugkeer in de maatschappij.

  1. HET BEHEER VAN UW GELD

Mag ik zelf over mijn geld beslissen?

Zeker. Alleen als u door de rechter onder curatele bent gesteld of als u een bewindvoerder heeft gekregen kunt u niet meer over uw eigen geld beslissen. Het is mogelijk dat u uw geld niet zelf wilt beheren omdat uw hoofd er niet naar staat. Dan kunt u de verpleging of een maatschappelijk werker vragen om u te helpen. U kunt het beheer van uw geld ook uit handen geven. De toestemming daarvoor kunt u altijd weer intrekken. Als het echt noodzakelijk is kan het ziekenhuis tegen uw zin het beheer van uw geldzaken gaan waarnemen, bijvoorbeeld wanneer u grote schulden maakt. Dat heet zaakwaarneming en houdt in dat u niet meer zelf bepaalt wat u uitgeeft. Zo’n zaakwaarneming mag nooit lang duren. Zijn er langdurig maatregelen nodig dan vraagt men bij de rechter een onderbewindstelling of een curatele aan. Over de curatele en de onderbewindstelling vindt u meer gegevens in de brochure “Curatele, bewind en mentorschap” van het ministerie van Justitie.

Aldus opgemaakt: Jaar 2007.

(Van de redactie: Wetten veranderen met de dag, en derhalve behoort deze tekst ookal weer tot de historie)

 

You may also like...

Geef een reactie