Perversiteiten, 1947

Perversiteiten, Leerboek voor verplegenden van zenuwzieken en krankzinnigen
Dr. AP Timmer, De Erven F. Bohn, 1947

De meeste perversiteiten groeperen zich rondom het sexuele instinct. Dit instinct is een machtige pijler der maatschappelijke ordening, zolang het voert tot opbouw, onderhoud en versterking van de gezinsband, doch dreigt onze zedelijke en ethische levensvormen, zodra het zich op andere doeleinden gaat richten en dus pervers wordt.

Zo kan de sexuele neiging zich niet van man op vrouw, doch op een individu van gelijk geslacht richten. Dit verschijnsel noemen wij homosexualiteit (homos = gelijk). Doorgaans bestaat bij lijders aan homosexualiteit het onvermogen om op een individu van het andere geslacht verliefd te worden.

Vele volkeren, waaronder de oude Grieken, hebben de homosexualiteit als geoorloofd beschouwd, de Joodse en Christelijke godsdienst daarentegen hebben haar, als tegennatuurlijk, veroordeeld. Wij mogen dus de homosexualiteit als tegennatuurlijk veroordelen, aan de oprechtheid van de gevoelens der homosexuelen mogen wij daarentegen niet twijfelen.

Alle liefdegevoelens tot de jalouzie toe, kan men bij homosexuelen aantreffen. Gevallen van zelfmoord wegens ontrouw komen hierbij voor. Wonderlijk is, dat homosexuele mannen meestal in den man van hun keuze juist het vrouwelijke zoeken; een homosexuele verhouding bestaat vaak tussen een fors gebouwden man en een verwijfd jongmens.
Vaak zelfs gaat de neiging van homosexuele mannen naar jongens uit, wat dan tot zedenprocessen aanleiding kan geven. Een dergelijke verhouding is in alle opzichten laakbaar, omdat jongens hierdoor in homosexuele richting kunnen worden geleid en bovendien hun geestelijke evenwicht en moreel gevoel hierdoor gehaal kan worden ontwricht.

Veelal beperkt zich een dergelijke verhouding tot een voor onze gevoelens al te innige vriendschap, soms echter worden hierbij handelingen gepleegd, die het normale geslachtsverkeer op perverse wijze nabootsen.
Van bepaalde zijde word wel beweerd, dat iedere sympathie nimmer geheel vrij is van sexuele gevoelens. Iedere vriendschap tussen twee mannen of twee vrouwen, zou aldus het gevolg zijn van een homosexueel gevoelen, waarbij echter het sexuele aan geen der partijen bewust hoeft te worden. Wij denken hierbij b.v. aan het dwepen van meisjes met een bepaalde lerares. Dergelijke verhoudingen worden wel “gesublimeerde” homosexualiteit genoemd. Aangezien echter dergelijke vriendschappen niet tot werkelijke liefdesverhoudingen leiden en binnen de grenzen der eerbaarheid blijven, behoeven wij ons over dergelijke verhoudingen niet te verontrusten. Zij maken niet onontvankelijk voor de normale sexuele neigingen en een normale vriendschap tussen personen van dezelfde sexe is in geen enkel opzicht onzedelijk of laakbaar.

Een perversiteit, die met homosexualiteit enige overeenstemming heeft, doch er overigens van verschilt is het transvestitisme. Hieronder verstaan wij de neiging om in de kleren van de andere sexe rond te lopen. Wie de betreffende persoon niet kent, zal een transvestiet zeker niet als zodanig op straat herkennen; zij weten hun kleren met de elegance, de betreffende sexe eigen, te dragen. De mannelijke transvestiet schrijdt op zijn hoge hakjes in zwevende gang voort, de vrouwelijke transvestiet bonkt het haar turftrappers op de grond en zal het effect met een pijp nog weten te verhogen.
Transvestitisme is wettelijk niet toegestaan. Vele transvestieten zijn tevens homosexueel, doch een aantal hunner is in dit opzicht normaal of vertoont een geringe geslachtsdrift.

Perversiteiten zijn moeilijk voor behandeling toegankelijk. In een aantal gevallen word succes vermeld door middel van psychoanalyse. Lichte perversiteiten weten vele lijders binnen de perken te houden, zodat zij niet in conflicten komen.

Bij mannelijke homosexuelen, die tengevolge van hun tegennatuurlijke neiging in conflict zijn gekomen met de wet, wordt soms op verzoek van den lijder de castratie toegepast. Onder castratie verstaan wij verwijdering van der geslachtsklieren. Het sexuele instinct wordt daardoor zwakker, dus ook de homosexuele neiging. Castratie, tegen de wil van den lijder verricht, heeft weinig kans op een gunstig resultaat.

 

Bron: Leerboek voor verplegenden van zenuwzieken en krankzinnigen
Dr AP Timmer, geneesheer aan het provinciaal ziekenhuis nabij Santpoort
Haarlem, De Erven F. Bohn N.V., 1947

You may also like...

Geef een reactie