shocktherapie, ontstaan en ontwikkeling


Cardiazol, insuline en ECT
Algemeen:

De elektroshocktherapie van de late dertiger en vroege veertiger jaren van de vorige eeuw ligt in het verlengde van de shocktherapieën uit dezelfde periode en de twee decennia daarvoor.

Deze “behandelingen” waren deels gebaseerd op de (overigens foute) observatie dat mensen die ernstig ziek waren geweest door malaria (hoge koorts) of suikerziekte (coma) na hun ziekte geheel of gedeeltelijk van hun “krankzinnigheid” waren genezen. Volgens een andere “foute” observatie zouden patiënten die epilepsie hebben geen psychiatrische (psychotische) stoornissen ontwikkelen. Voor deze observaties waren overigens geen wetenschappelijke bewijzen. Men nam dit aan op basis van non-valide onderzoek en getuigenissen van betrokken artsen.

Havermans (1940) over de cardiazolkuur:

De Cardiazolkuur dankt haar bestaan aan de bevinding dat Schizofrenen zelden lijden aan epilepsie, terwijl omgekeerd de toevallijder weinig schizofrenie krijgt. Sluiten deze ziekten elkaar misschien uit? .

… hij vond, dat Cardiazol bij snelle injectie in de bloedbaaneen toeval, veel gelijkend op een epileptische toeval, doet ontstaan.

… en het resultaat? Sterfgevallen of andere ernstige complicaties komen weinig voor. En er zijn inderdaad frappante genezingen bereikt, maar toch zal niemand durven beweren, dat de cardiazolkuur een onfeilbaar geneesmiddel voor de schizophrenie is. Bij de groep van de katanonie worden nog de beste resultaten bereikt.


Havermans (1940) over de insulinekuur:

Nu was opgevallen dat suikerzieke geesteszieken die met insuline werden ingespoten, zoo rustig werden na een injectie. Daarop heeft Dr. Sakel uit Weenen bij schizophrenen zeer grote hoeveelheden insuline ingespoten.

Havermans (1940) over de electroschocktherapie:

Toevallen (= epileptisch insult) kan men ook opwekken door de hersenen te prikkelen met een electrischen stroom. Vanuit Italie is deze zeer moderne behandelingsmethode ook reeds in Nederland doorgedrongen. Misschien vervangt zij t.z.t. de cardiazolkuur.

Shocktherapie:

De shocktherapie is feitelijk begonnen met de koorts- of malariatherapie en later de ontdekking van insuline. De eerste doordat men meende te zien dat patiënten na malaria of hoge koorts waren genezen van hun krankzinnigheid of zenuwziekte.

Na de ontdekking van insuline heeft men meteen allerlei experimenten opgezet om te kijken waar dit middel nog meer effectief voor was. Dat gebeurde al in de vroege twintiger jaren van de 20e eeuw. Bij de insulineshocktherapie werden patiënten langzaam in een comateuze toestand gebracht om daarna door de toediening van suiker weer in het land der levenden te worden gehaald.

Het meest in het oog springende effect van de insulineshockbehandeling was dat de patiënten tijdelijk iets rustiger leken. Ook de malaria- of koortstherapie paste in dit rijtje. Mensen die hoge koortsen hadden gehad zouden psychiatrisch beter functioneren dan voorheen.
Dezelfde observaties deed men bij de latere cardiazol- en electroshockbehandelingen. Dat is logisch: als je iemand met een balk voor zijn hoofd slaat is hij ook een tijdje rustiger. Maar of je in dit geval van genezing of zelfs maar verbetering mag spreken is zeer de vraag.

De toenmalige logica zorgde ervoor dat men eind dertiger jaren op basis van dergelijke veronderstellingen insultachtige reacties veroorzaakte bij mensen die psychiatrische klachten hadden. Kortom, geef iemand een epileptische toeval of wat daar op lijkt en misschien helpt het. In eerste instantie deed men dat door de cardiazol-kramp-behandeling of convulsie-therapie.



De cardiazol-kramp-behandeling was zeer gevaarlijk en vaak een marteling voor de patiënt. Cardiazol (synthetische Kamfer) veroorzaakte ernstige spierkrampen die weliswaar op een epileptisch insult leken maar hiermee natuurlijk geen enkel verband hielden. Daarbij was het een vreselijk pijnlijke ervaring die bovendien botbreuken tot gevolg had. Er is zelfs een geval beschreven waarbij de ruggengraat van de patiënt brak doordat de spieren in het lichaam totaal verkrampen door de cardiazol. Het zal niemand verbazen dat de cardiazoltherapie grote angst veroorzaakte bij mensen die deze therapie eerder hadden ondergaan. Mede daardoor werd de electroschock dan ook met open armen ontvangen omdat het voor de patiënt minder erg was.

Op de vraag wat het effect van de electroshock is heb ik nog geen antwoord kunnen vinden. Wel is men het er over eens dat er een situatie ontstaat die sterk overeenkomt met een epileptisch insult. Maar wat dat is, hoe het werkt en waarom is nog steeds onduidelijk. Hoewel de therapieën overkomen als onmenselijk en vanuit onze huidige kennis volstrekt absurd lijken is het goed om te beseffen dat deze behandelingen uit een tijd stammen dat men nog geen enkele remedie had voor psychiatrische stoornissen. Alles wat leek te helpen werd aangegrepen om toch enigszins het idee te krijgen dat men met succes behandelde.

Maar dat is een schrale troost voor de patiënten die op allerlei manieren in een gehele of gedeeltelijke shocktoestand werden gebracht.
 

You may also like...

Geef een reactie